Page 188 - Aardrijkskunde Vakstudie 2_1920
P. 188

-   Bepaalde schakeringen gaan verloren, gezien de gehele oppervlakte der gemeenten
                            (eventueel land of werelddeel) met eenzelfde kleur of arcering overdekt.
                        -   Ook  de  uitwerking  van  de  klassen  is  niet  eenvoudig.  Men  mag  niet  te  veel

                            schakeringen kiezen, of de kaart verliest aan overzichtelijkheid, maar ook niet te
                            weinig, of de kaart geeft een vals beeld. Ook de grenzen der grootteklassen moeten
                            representatief  zijn.  Tenslotte  wat  zal  men  als  oppervlakte-eenheid  nemen:  de
                            gemeente,  het  arrondissement,  een  land,  een  werelddeel?  Mag  men  woeste
                            gronden, bossen samen nemen met landbouwgrond?


                        Als voordelen kunnen we vermelden:
                        -   Met deze voorstellingswijze komen de grote steden in de hoogste dichtheidsklasse
                            terecht.  De  oppervlakte  wordt  gerespecteerd.  Dit  is  niet  steeds  mogelijk  in  de
                            absolute voorstellingswijze: indien de bevolkingsconcentraties hoog is, wordt het
                            bevolkingsaantal voorgesteld door een cirkel die wellicht de grenzen overschrijdt.
                            Wenst men binnen de administratieve of reële grenzen te blijven voor de steden in
                            de  absolute  voorstellingswijze  dienen  de  symbolen  voor  de  dunbevolkte
                            plattelandsgebieden te fel gereduceerd te worden.
                        -   De mogelijkheden bij het weergeven van de ruimtelijke spreidingspatronen stijgen
                            wanneer de grootte van de statistische gebieden afneemt. Per gemeente bekomt
                            men een veel nuttiger beeld.
                        -   Het gebruik van de rekenkundige dichtheid is praktisch algemeen daar deze gegevens
                            het gemakkelijkst beschikbaar zijn.

                          ▪  Meer voorstellingswijzen en varianten op bevolkingsdichtheid

                        Naast deze twee belangrijkste voorstellingswijzen zijn er nog andere voorstellingswijzen,
                        zoals potentiaalkaarten, per vierkante i.p.v. administratieve grenzen, isolijnen, e.d. Een
                        meer  verfijnde  vorm  van  dichtheid  wordt  uitgedrukt  door  de  verhouding  totale
                        bevolking/bebouwbaar land. Dit wordt ook fysiologische dichtheid genoemd. Alle land dat
                        niet geschikt is voor bewerking wordt verwijderd uit de noemer van de breuk. Hier wordt
                        dus  het  productieve  niet-bouwland  uitgeschakeld,  dus  niet  alleen  woeste  en
                        onvruchtbare gronden, maar ook wouden, natuurlijke weiden, mijnbouwgebieden. Ook
                        worden  de  verschillen  in  opbrengst  van  het  bouwland  ingevolge  de  differentiële
                        klimatologische, pedologische en draineringseigenschappen niet in rekening  gebracht.
                        Nochtans is de fysiologische dichtheid reeds beter in staat een vergelijking te maken
                        tussen de bezetting van een gebied en zijn mogelijkheden wat betreft voedselproductie
                        en  de  productie  van  vegetatieve  grondstoffen.  In  Egypte  is  4%  landbouwland.  De
                        fysiologische dichtheid is dus 25 maal hoger dan de rekenkundige dichtheid.

               7.2.4    Invloed klassengrenzen op voorstelling van bevolkingsgegevens

                            OPDRACHT

                        Ga de invloed van de verschillende klassenbegrenzingsmethodes na op de voorstelling
                        van bevolkingsgegevens. Doe dit door de opdrachten te maken bij elke methode. Bij alle
                        ‘kaarten’ die hierbij aan bod komen, stellen de vakjes 10 ha voor. De totale oppervlakte is
                        dus 10 km². De getallen stellen het aantal inwoner voor per vakje.




                        1 AA VS 2                             188                  © 2019 Arteveldehogeschool
   183   184   185   186   187   188   189   190   191   192   193