Page 135 - Aardrijkskunde Vakstudie 2_1920
P. 135

Figuur 86: Noordzeemegalopolis

               6.3.5    Nieuwe stedelijke tendensen en terminologie in de 21  eeuw
                                                                               28
                                                                         e
               6.3.5.1  Inleiding
                        Hoewel de ruimtelijke omvang van vele steden in België ontegensprekelijk nog verder
                        toeneemt,  gaan  in  de  wetenschappelijke  literatuur  meer  stemmen  op  die  moeten
                        aantonen dat het hierboven geschetste proces van suburbanisatie en stadsvlucht een
                        halt werd toegeroepen. Vanaf het begin van de jaren ’70 en tot in de jaren ’90 daalde de
                        bevolking van de grote steden immers. Vandaag is over het algemeen die trend gestopt.
                        Deze stabilisering, soms zelfs een nieuwe groei, is enerzijds te danken aan gentrificatie,
                        maar vooral aan de komst van nieuwe immigranten. De demografische heropleving gaat
                        derhalve niet, of nog niet, gepaard met een stijging van het gemiddeld inkomen van de
                        inwoners van de steden. Het beleid dat gericht is op een heropleving van de steden mag
                        dan al zijn eerste vruchten hebben afgeworpen, blijvende positieve resultaten zijn nog
                        lang niet bereikt. Uit gegevens van de socio-economische enquête van 2001 blijkt dan ook
                        dat het onderscheid tussen stedelijke wijken en stadsrand morfologisch nog zeer moeilijk
                        waar te nemen valt. Hierdoor worden deze termen de dag van vandaag niet altijd even
                        eenduidig gebruikt of is het gebruik ervan niet steeds even vanzelfsprekend. Men acht het
                        dan ook wenselijk het begrip woonkern te introduceren, zoals gebruikt door het ADSEI.
                        Deze ruimtelijke omschrijving wordt afgebakend op basis van de grenzen van statistische
                        sectoren,  of  buurten,  en  staat  in  principe  dus  los  van  bestuurlijke  grenzen.  Dit  geldt
                        trouwens ook voor de afbakening van de stadskern en de kernstad. Voor de centrale stad,
                        de geoperationaliseerde agglomeratie, het stadsgewest en het stedelijk leefcomplex geldt
                        de gemeente als basiseenheid.

                        De  hierboven  zeer  summier  beschreven  stedelijke  tendensen  en  de  gewijzigde
                        terminologie zorgen ervoor dat het uitzicht van de kaart van de stadsgewesten van 2001
                        vrij sterk gewijzigd is ten opzicht van deze van 1991.









                        28 Naar (Van Hecke & Luyten, 2007), (Van Hecke & Vanderstraeten, 2014) en (Vanderhallen, 2014)


                        1 AA VS 2                             135                  © 2019 Arteveldehogeschool
   130   131   132   133   134   135   136   137   138   139   140