Page 239 - Aardrijkskunde Vakstudie 2_1920
P. 239

In oude handboeken is het contrast tussen de raciale samenstelling van Latijns-Amerika
                        en  Angelsaksisch-Amerika  enorm  groot.  Zo  noemen  bepaalden  de  Rio  Grande  een
                        scheiding tussen blanken en mengrassen. Hierbij is Anglo-Amerika het deelcontinent van
                        blanken; de bevolking van Latijns-Amerika is de meest gevarieerde van alle werelddelen.
                        Iets verderop wordt Anglo-Amerika opnieuw een blank continent genoemd. De blanken
                        zouden er, nog volgens dezelfde bron, van het ‘Yankeetype’ zijn, bekend om zijn werklust,
                        het  aandurven  van  risico’s,  en  vooral  geloof  in  eigen  mogelijkheden.  De  huidige
                        handboeken  pakken  het  anders  aan  en  zetten  de  raciale  verschillen  tussen  de
                        bevolkingsgroepen juist wel in de verf. Met termen als ‘smeltkroes’ of ‘melting pot’ wordt
                        de aandacht gevestigd op de raciale diversiteit van de Amerikaanse bevolking. Om deze
                        te expliciteren, volgen de meeste auteurs een vereenvoudigde versie van de classificatie
                        in de officiële statistieken. Doorgaans wordt een vijftal groepen afgebakend: blanken,
                        zwarten, Aziaten, indianen en eskimo’s, en hispanics.













                                   Figuur 156: De bevolkingssamenstelling van de VSA naar etnische groep of ras



                          ▪  Yankees, eskimo’s en blambo’s: ze bestaan niet!

                        Deze  indeling  is  niet  zo  vanzelfsprekend  als  ze  op  het  eerste  zicht  lijkt.  Ten  eerste
                        combineert ze vermeende raciale verschillen met etnische. Het is vooral de opname van
                        de hispanics die het schema verwarrend maakt. De handboeken geven namelijk zelf aan
                        dat  deze  geen  ras  op  zich  zijn,  maar  een  etnische  groep:  “Een  andere  belangrijke
                        minderheidsgroep,  niet  gebaseerd  op  raciale  kenmerken,  maar  op  hun  Latijns-
                        Amerikaanse afkomst zijn de zogenaamde hispánico’s”.

                        De vraag is dan uiteraard of we de  raciale kenmerken van Latijns-Amerikanen uit de
                        handboeken volledig moeten vergeten eens ze de grens met de VS oversteken. Blanken,
                        zwarten en indianen uit Latijns-Amerika kunnen meer naar het noorden blijkbaar toch
                        niet zomaar bij de lokale blanken, zwarten en indianen en eskimo’s geteld worden. Of je
                        nu volgens de Latijns-Amerikaanse classificatie een blanke, een gele of een zwarte bent
                        maakt  helemaal  niet  uit.  Eens  de  grens  over,  ben  je  sowieso  een  hispanic.  Dat  de
                        voorouders van de blanken uit beide wereldblokken grotendeels uit Europa kwamen, of
                        dat de zwarten in de Verenigde Staten én in Latijns-Amerika voornamelijk afstammen van
                        de dezelfde Afrikanen die ooit als slaaf zijn verscheept, doet er blijkbaar niet toe. In de
                        geest  van  de  raciale  classificaties  is  het  bovendien  opmerkelijk  dat  de  hispanics  in
                        verschillende  handboeken  blanken  worden  genoemd:  “De  hispanics  zijn  de
                        Spaanssprekende immigranten vanuit Latijns-Amerika. Het zijn voornamelijk blanken”.
                        Ook in de voorgaande figuren zijn er Hispánico’s en ‘andere blanken’. Volgens een van de
                        figuren  zijn  er  in  Mexico  echter  amper  tien  procent  blanken  of  zelfs  helemaal  geen.



                        1 AA VS 2                             239                  © 2019 Arteveldehogeschool
   234   235   236   237   238   239   240   241   242   243   244