Page 220 - Aardrijkskunde Vakstudie 2_1920
P. 220
- Zuid: Romaanse, Griekse en Illyrische talen, katholicisme, gebied dat behoorde
tot het Romeinse rijk tot 100 AD, zomerdroogte in de mediterrane gebieden,
wijnbouw, samengestelde hoeven
- West: talen van de centrumgroep, vrije verkiezingen, economische unie, een
westelijk-christelijk erfgoed, grote welvaart die ondermeer blijkt uit het aantal
auto’s en het aantal literaire publicaties
- Oost: talen van de Slavische groep, recente jonge democratieën met erfenis van
totalitair systeem, orthodox-christelijk erfgoed, continentaal klimaat, minder
grote welvaart.
OPDRACHT
Arceer op de onderstaande blinde kaart van Europa de verschillende culturele zones.
Maak een passende legende op.
Figuur 138: Culturele zonering in Europa
8.1.5 Conclusie: Een multicultureel Europa
De Europese cultuur valt op door de grote diversiteit op veel domeinen en over korte
afstand. Nergens ter wereld variëren zowel de natuurlijke kenmerken, de etnische
kenmerken en de culturele kenmerken zo sterk over een relatief klein gebied. Dit vormt
een wezenlijk verschil met de Europese cultuurstijl in bijvoorbeeld. Amerika en Australië.
Een Europeaan voelt zich thuis in verscheidenheid, in afwisseling en in het kleinschalige,
in een ruimte op mensenmaat in een ruimtelijk mozaïek van min of meer homogene
compartimenten, die tamelijk begrensd zijn. Dit laatste aspect geeft ook een tweede
1 AA VS 2 220 © 2019 Arteveldehogeschool

