Page 146 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 146
Welke opdracht was makkelijkst/ moeilijkst? Welke strategie hebben ze toegepast?
Hoe verliep het groepswerk?
Wat waren de oorzaken van meningsverschillen binnen de groep? Hoe werden ze
opgelost?
Waren er stellingen die moeilijk in een vakje te plaatsen waren?
Hebben ze voorstellen om de beschikbare informatie anders te classificeren?
5.2.5.5 Huiswerk
Opdracht 3 (zie ) omschrijft het huiswerk. Geef aanvullend nog wat commentaar hoe het
rapport moet geschreven worden. Ze kunnen zeker gebruik maken van de gevonden
classificatie, zonder evenwel zomaar klakkeloos de stellingen over te nemen. Hun eigen
mening en interpretatie is belangrijk genoeg om opgenomen worden.
5.2.6 Opinie-as en opiniekwadrant
(zie hoofdstuk 3: waardenoverdracht in schoolaardrijkskunde)
Over heel wat waardengeladen onderwerpen bestaan er verschillende meningen.
Wie in de klas naar de mening van de leerlingen vraagt zal dat ondervinden.
Vermijd daarom de ‘eigen-gelijk’-discussie. Dit leidt zelden tot relevante besluitvorming
en meestal ontbreken gefundeerde argumenten. En precies het leren argumenteren van
meningen is van belang. De methode van het opmaken van een opinie-as vermijdt dit.
5.2.6.1 Opmaken van een opinie-as
Zoek verschillende meningen op over een bepaald onderwerp. De opdracht is dan de
verschillende opinies te rangschikken op een as met twee extremen (positief – negatief /
voor – tegen / enz…).
De discussie tussen de leerlingen is erop gericht de meningen af te wegen tegenover
elkaar. Dit leidt automatisch tot sterkere argumentatie.
Na het opmaken (bv. per duo) kunnen verschillende assen worden vergeleken en ontstaat
een klassikale discussie.
5.2.6.2 Opmaken van opiniekwadranten.
Kwadranten ontstaan als op de opinie-as een verticale as wordt aangebracht met nu twee
tegengestelde groepen van argumentatie tegenover elkaar.
(bv. economie – ecologie / geld – natuur / materiële waarden – immateriële waarden
/…enz).
Vervolgens worden de plaatsen van de opinie-as opgetrokken of neergelaten tegenover
die verticale as.
2 AAVD 146 © 2020 Arteveldehogeschool

