Page 181 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 181

Het  doel  van  deze  paragraaf  is  een  kennismaking  met  de  mogelijkheden  van  de
                        Notebooksoftware  voor  digitale  borden.  Verder  komen  een  aantal  voorbeelden  van
                        interactieve  opdrachten  en  sjablonen  waarmee  kan  gewerkt  worden  in  de  lessen
                        aardrijkskunde aan bod.

                        Tot  slot  worden  de  didactische  voordelen  van  het  werken  met  Notebook,  o.m
                        interactiviteit  en  multimediaal  werken,toegelicht  vanuit  een  aantal  concrete
                        aardrijkskundige voorbeelden.

               7.2.2    Stappen in opbouw van vaardigheid in werken met een digitaal bord.


                                                                                                     21
                        ‘Smartboards  renderen  niet’,  zo  kopte  het  onderwijstijdschrift  Klasse  begin  2012 .
                        ‘Scholen gebruiken de digitale borden niet, amper 44% van de leraren maakt gebruik van
                        het digitale bord’.

                        Maar is dit ‘voorlopig’ beperkt rendement niet steeds inherent aan vernieuwingen? Het
                        werken met een digitaal bord kan en moet een groeiproces zijn. De volgende stappen
                                                                                   22
                        geven het standaard groeiproces van digitale bordgebruikers weer  .

                           ▪  Fase 1: substitutiefase.

                        De leraar is nog onwennig en enigszins bevreesd om met het digitaal bord te werken. Hij
                        gebruikt het grotendeels als een schrijfbord of als een projectiescherm. In beide gevallen
                        heeft hij nog de volledige controle over het bord.

                           ▪  Fase 2: fase van de lerende gebruiker.


                        De  leraar  heeft  besloten  om  meer  uit  het  bord  te  halen  en  begint  zijn  bestaande
                        lesmateriaal aan te passen. Hij integreert meer tools maar blijft voorlopig de enige die het
                        bord bestuurt. Het gaat dan ook voornamelijk over presentatietools en niet-interactieve
                        tools. Leerlingen komen nog niet naar voor om het bord te bedienen.

                           ▪  Fase 3: fase van de ingewijde gebruiker.

                        Er ontstaat interactie in de lessen. De leraar verwerkt allerlei interactieve tools in zijn les
                        en zorgt dat leerlingen ook werkelijk actief zijn.

                           ▪  Fase 4: fase van de gevorderde gebruiker.

                        Het lineaire verloop van de les wordt doorbroken en de leraar heeft steeds meer aandacht
                        voor  de  didactiek  in  plaats  van voor  de techniek.  Het  bord  en andere media worden
                        doelbewust ingezet om een echte meerwaarde te creëren. Hierbij is niet langer alles van
                        tevoren bepaald, maar speelt de leraar flexibel in op vragen van leerlingen en problemen
                        die tijdens de les opduiken. Zo kan hij bijvoorbeeld het internet gebruiken om bijkomende
                        uitleg te bieden of om de actualiteit te raadplegen, kunnen leerlingen extra oefeningen
                        maken via het bord of hun taak verbeteren aan de hand van een verbetersleutel op bord,
                        enzovoort.







                        21  Klasse voor leraren, Smartboards renderen niet
                        22  PHL, Handleiding voor digitale didactiek, p. 12-13
                        2 AAVD                                 181                  © 2020 Arteveldehogeschool
   176   177   178   179   180   181   182   183   184   185   186