Page 41 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 41
op ondememingsdrang, concurrentie en macht, gekoppeld aan een mannendominantie.
Velen menen dat de emancipatie van de vrouw er in bestaat gelijke carrièrekansen te
bieden. Die uiterlijke emancipatie volstaat echter niet. Ze moet aangevuld worden met
een innerlijke emancipatie, nl. een vervrouwelijking van de maatschappij met aandacht
voor zachte waarden, met meer nadruk op samenwerking dan op concurrentie, met
respect voor de zwakke en gebroken mens. Is dat niet de echte blijde boodschap, die we
na 2000 jaar christendom moeten herontdekken en waar maken? De waarden-geografie
ligt duidelijk in die lijn.
2.7 (Post)modernisme in de geografie: de laatste paradigma’s.
De schoolaardrijkskunde is een hele tijd beïnvloed geweest door het modernistisch
denkmodel. Het hoofdkenmerk ervan was de binaire denkwijze waarbij de
aardrijkskundige werkelijkheid werd benaderd vanuit 2 invalshoeken zoals rijk-arm,
natuur-cultuur, open-bebouwde ruimte, industrielanden –ontwikkelingslanden, en zo
ook fysische aardrijkskunde en socio-economische aardrijkskunde. Dit denkmodel bleek
echter onvoldoende om een verklaring te geven voor de hedendaagse geografische
werkelijkheid.
In de postmoderne benadering (vanaf de jaren negentig van vorige eeuw) verlaat men dit
binair denken door aan te tonen dat er een derde speler meedoet, namelijk de
‘ruimtelijkheid’. Die ruimtelijkheid vormt de context voor het historische en het
maatschappelijke. Zowel de waargenomen (fysische) ruimte als de bedachte ruimte
(mentale ruimte cfr. mentale kaarten) wordt door ieder mens anders ingevuld, m.n. het
is een beleefde ruimte.
Voorbeelden van aardrijkskundige onderzoeken in post-modernistische context zijn b.v.:
racialisatie van stad-platteland (Schuermans N. , 2005) en ‘rethinking maps’ van
Christopher Perkins (Perkins, 2015) wiens studiedomein duidelijk blijkt uit zijn biografie:
‘his interests lie at the interface between mapping technologies and social and cultural
practices, with ongoing research into performative aspects of contemporary mapping
behaviour, and an emerging interest in play.’
In de schoolaardrijkskunde duiken de laatste decennia de sporen van dit post-
modernisme op. Zo wijzen kijkwijzers bij excursies (Neyt R. e., 2002) op
belevingselementen zowel van bewoners als bezoekers, duiken in schoolhandboeken
persoonlijke verhalen van bewoners op (Van Broeck, 2011) en wordt leerlingen naar een
waardeoordeel over landschappen gevraagd. En vooral, stilaan kiest men voor thema’s
waarbij de interactie tussen fysische en socio-economische geografie centraal staat (
vooral i.v.m. duurzaamheid en milieugeografie).
Neem aandachtig de hiermee overeenstemmende inhoud van § 1.4 op p. 22-p. 27
in (Steegen, An (Red.), 2018) door.
TIP
Vergeet in je lespraktijk de beleving van de leerling niet bij foto’s, videofragmenten of
heb er aandacht voor op excursie.
2 AAVD 41 © 2020 Arteveldehogeschool

