Page 140 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 140

5.2.5    De classificatiewerkvorm: wat hoort bij elkaar ?

                             VOORBEELD

                                    De ontbossing van het tropisch regenwoud (Van Hecke E. , et al., 2002)




                        Genummerde  lijst  met  stellingen  in  willekeurige  volgorde;  eventueel  uitknippen  om
                        gemakkelijker (manueel) te classificeren.


                        1. Sommige diersoorten die in het regenwoud leven, worden met uitsterven bedreigd
                        omdat hun leefomgeving is verwoest of te klein is geworden. Soms worden op ontboste
                        plekken nieuwe bomen aangeplant die een soort gang moeten vormen van het ene stuk
                        regenwoud  naar  het  andere.  Daardoor  beschikken  de  dieren  weer  over  een  groter
                        leefgebied.


                        2. Bosbranden die ontstaan door het uit de hand lopen van het kaalbranden van de bodem
                        vormen een groot gevaar voor het regenwoud. In 1982-1983 ging zo bij een bosbrand
                        meer dan 40000 vierkante kilometer regenwoud op Borneo verloren.

                        3. Sommige boeren worden gedwongen het woud in te trekken om een bestaan bij elkaar
                        te schrapen. Ze verbranden de bomen en planten gewassen op de ontruimde grond. De
                        bodem  van  het  regenwoud  is  niet  echt  vruchtbaar.  Na  een  paar  jaar  van  intensieve
                        landbouw zijn alle voedingsstoffen uit de bodem opgebruikt. De mensen moeten dan
                        opschuiven  naar  een  volgend  stuk  grond.  Dit  type  landbouw  wordt  zwerflandbouw
                        genoemd. (slash and burn)


                        4. Sommige organisaties zamelen geld in om de regenwoudbewoners te helpen.

                        5.  Planten  uit  de  regenwouden  nemen  CO2  op  uit  de  lucht  en  zetten  die  o.a.  om  in
                        zuurstof. Door het verbranden van het woud komt weer CO2 vrij. Koolstofdioxyde is echter
                        een broeikasgas. Het vrijkomen van CO2 leidt mee tot het opwarmen van de aarde. Bij
                        almaar hogere temperaturen kunnen sneeuw en ijs afsmelten. Het zeeniveau stijgt en de
                        laaggelegen gebieden kunnen onder water lopen.

                        6.  Op  Borneo  worden  enorm veel  boomstammen  naar  andere  landen vervoerd.  Daar
                        wordt het hout meestal doorverkocht tegen een prijs die meer dan honderd keer hoger
                        ligt. Vaak wordt dit waardevolle hout verkwist door er wegwerpvoorwerpen zoals kratten
                        en eetstokjes van te maken.

                        7. Het verbouwen van koffie, bananen of rubber brengt heel veel geld op.

                        8. Ontboste gebieden kunnen opnieuw beplant worden. In kwekerijen worden bomen
                        gekweekt. Wanneer de jonge plantjes groot genoeg zijn, worden ze in het bos uitgezet.
                        Studenten op de Filippijnen leren bijvoorbeeld hoe ze die jonge bomen moeten planten.
                        Ook in Oeganda helpen kinderen bij het kweken van nieuwe bomen. Het duurt honderden
                        jaren vooraleer nieuwe bossen net zo een enorme verscheidenheid aan fauna en flora
                        hebben voortgebracht als de oorspronkelijke regenwouden. Maar een jong bos is beter
                        dan geen bos.


                        9. Delen van het regenwoud zijn ondoordringbaar en moeilijk bereikbaar voor kolonisten
                        zolang  er  geen  wegen  zijn.  Die  worden  aangelegd  door  regeringen  om  de
                        transportmogelijkheden te verbeteren.

                        2 AAVD                                 140                  © 2020 Arteveldehogeschool
   135   136   137   138   139   140   141   142   143   144   145