Page 77 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 77
Figuur 18: “De bevolkingssamenstelling van de USA Figuur 19:“De bevolkings-samenstelling van de
naar etnische groep of ras (Wereldvisie 4 ASO, 2002, USA naar etnische groep of ras” (Werelddelen 4,
p. 108) 1997, p. 75).
3.5.2.2 Ze bestaan niet !
Deze indeling is niet zo vanzelfsprekend als ze op het eerste zicht lijkt. Ten eerste
combineert ze vermeende raciale verschillen met etnische. Het is vooral de opname van
de hispanics die het schema verwarrend maakt. De handboeken geven namelijk zelf aan
dat deze geen ras op zich zijn, maar een etnische groep: "Een andere belangrijke
minderheidsgroep, niet gebaseerd op raciale kenmerken, maar op hun Latijns-
Amerikaanse afkomst zijn de zgn. hispánico's" (Werelddelen 4, 1997, p. 75).
De vraag is dan uiteraard of we de raciale kenmerken van Latijns-Amerikanen uit de
handboeken (figuren 10.19 en 10.20) volledig moeten vergeten eens ze de grens met de
VS oversteken. Blanken, zwarten en indianen uit Latijns-Amerika kunnen meer naar het
noorden blijkbaar toch niet zomaar bij de lokale blanken, zwarten en indianen/eskimo's
geteld worden. Of je nu volgens de Latijns-Amerikaanse classificatie een blanke, een gele
of een zwarte bent maakt helemaal niet uit. Eens de grens over, ben je sowieso een hispa-
nic. Dat de voorouders van de blanken uit beide wereldblokken grotendeels uit Europa
kwamen, of dat de zwarten in de Verenigde Staten én in Latijns-Amerika voornamelijk
afstammen van de dezelfde Afrikanen die ooit als slaaf zijn verscheept, doet er blijkbaar
niet toe.
In de geest van de raciale classificaties is het bovendien opmerkelijk dat de hispanics in
verschillende handboeken blanken worden genoemd: "De hispanics zijn de
Spaanssprekende immigranten vanuit Latijns-Amerika. Het zijn voornamelijk blanken"
(Wereldvisie 4 ASO, 2002, p. 108). Ook in figuur 14 zijn er Hispánico's en 'andere blanken'.
Volgens figuur 13 zijn er in Mexico echter amper tien procent blanken (links) of zelfs
helemaal geen (rechts). Blijkbaar worden de talrijke mestiezen en indianen aan de grens
op één of andere manier witgewassen.
Daarenboven is het vreemd dat er in de Verenigde Staten niet gesproken wordt over
mengrassen. Er zijn wel zwarten, blanken en indianen, maar geen mulatten, mestiezen of
zambo's. Een leerling kan zich dan ook afvragen tot welke categorie het kind van een
zwarte en een blanke, of een eskimo en een hispanic behoort. Hetzelfde geldt voor de
Latijns-Amerikaanse classificatie. De leerling leert inderdaad wel dat een zwarte vrouwen
en indiaanse man een zambo ter wereld zuIllen brengen, maar wat als die zambo besluit
om kinderen te maken met een blanke? Moeten we die dan beschouwen als blanken,
zambo's of blambo's?
Bovenstaande denkoefening legt volgens Mok (1995, p. 31 ) een belangrijk pijnpunt van
het rasbegrip bloot. Dat stamt volgens haar namelijk uit de tijd dat er gedacht werd dat
rasvermengingen zouden kunnen leiden tot lichamelijke en geestelijke verzwakkingen. De
rassenleer gaat dan ook ten onrechte uit van meestal drie zuivere, oorspronkelijke rassen,
en in Latijns-Amerika ook nog drie zuivere vermengingen. Met het voorbeeld van de
2 AAVD 77 © 2020 Arteveldehogeschool

