Page 78 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 78

blambo  wilden  we  aantonen  dat  er  in  de  praktijk  echter  ontelbare  mogelijkheden
                        denkbaar zijn. Zo haalt Vargas (2004, p. 448) aan dat in de Braziliaanse volkstelling van
                        1980 niet-blanke personen in totaal maar liefst 136 verschillende termen gebruikten om
                        hun huidskleur te benoemen. De wetenschappelijke wereld bekritiseert de rassenleer dan
                        ook omwille van essentialisme. Hiermee bedoelen ze dat raciale classificaties foutief doen
                        uitschijnen dat er een bepaald aantal voorgegeven, zuivere en onveranderlijke rassen
                        zouden zijn.

                        Door aan te tonen dat de classificaties in de V.5. en in Latijns-Amerika er in de handboeken
                        anders  uitzien,  demonstreerden  we  dat  ras  geen  voorgegeven  biologische  realiteit  is,
                        maar  een  sociale  constructie.  Ras  en  raciale  classificaties  blijken  geen  evidente,
                        natuurlijke categorieën, maar het product van menselijk denken. Het voorbeeld van de
                        Mexicaanse indiaan die de grens met de V.S. oversteekt en daar een blanke hispanic
                        wordt, maakt dit overduidelijk. Of je nu blank bent of niet hangt in dit soort van situaties
                        niet af van je genetische kenmerken, en ook niet direct van je huidskleur of schedelvorm,
                        maar wel van de lokale machtsverhoudingen. Als die, zoals in Latijns-Amerika, gedomi-
                        neerd worden door een kleine groep rijken, hangen klasse en etniciteit in sterke mate
                        samen. De kleine groep met de macht is er blank. Al de rest is dat niet. In zo'n samenleving
                        kan het voor een 'mesties' of een 'indiaan' echter volstaan om 'fatsoenlijk' Spaans te
                        spreken, 'deftige' kleren aan te doen en eens naar de kapper te gaan om voortaan als
                        'blanke' door het leven te gaan. De overgrote meerderheid zal deze kansen echter nooit
                        krijgen, en zal de rest van de tijd dan ook verder gediscrimineerd worden.

                        Voor de Amerikaanse burgeroorlog was de situatie in de VS gelijkaardig. Een kleine groep
                        Angelsaksen  was  er  blank,  alle  andere  migranten  niet.  Mettertijd  werd  het  adjectief
                        'blank' echter ook van toepassing op migranten uit Ierland en Zuid- en Oost-Europa. Op
                        die manier ontstond er een raciale tweedeling: blanken hadden de macht in handen en
                        waren superieur, zwarten waren inferieur en mochten als slaven behandeld worden. Met
                        de  massale  komst  van  migranten  uit  Azië  en  Latijns-Amerika  vertroebelde  deze
                        dichotomie enigszins. De angst bestond dat blanken wel eens in de minderheid zouden
                        kunnen geraken, en zo hun dominante positie zouden kwijtspelen, zeker in staten als
                        Californië. Het feit dat hispanics tegenwoordig blanken worden genoemd, en zichzelf ook
                        als blanken beschouwen, bewijst dan ook dat de Amerikaanse samenleving vermoedelijk
                        nog een hele tijd gebukt zal gaan onder een tweedeling tussen dominante blanken en
                        gedomineerde  zwarte.  Doordat  er  in  de  Amerikaanse  classificatie  geen  plaats  is  voor
                        vermengingen tussen de verschillende categorieën blijft de kloof tussen beide groepen
                        zeer groot.

                        Alles bij elkaar genomen, moeten we besluiten dat het weinig zinvol is om in handboeken
                        te spreken van rassen en mengrassen. De gebruikte terminologie stamt namelijk uit een
                        tijdperk waarin wetenschappers beperkt waren tot een determinatie van de huidskleur
                        en een opmeting van de schedelomtrek. Termen als mesties of zambo negeren elke vorm
                        van  wetenschappelijke  vooruitgang  in  de  genetica.  Zeggen  dat  een  mesties  een
                        vermenging  is  van  een  indiaan  en  een  blanke  is  even  onwetenschappelijk  als  de
                        verwijzingen naar de fysieke en intellectuele superioriteit van de Walen, de luiheid van de
                        zwarten, de werklust van de Yankees of het korte geheugen van de Congolees. Het gebruik
                        van deze termen tot de op de dag van vandaag staat dan ook gelijk met het aanvaarden
                        en  reproduceren  van  aangebrande  ideeën  van  racistische  wetenschappers  uit  de
                        negentiende eeuw.

                        In plaats van volledig te zwijgen over rassen, lijkt het ons daarom in de eerste plaats
                        essentieel om de fundamenten van de rassenleer in elk handboek te pareren. We zijn het
                        dan ook eens met Vincke (1991, p. 70) dat de schoolaardrijkskunde in de toekomst meer

                        2 AAVD                                 78                   © 2020 Arteveldehogeschool
   73   74   75   76   77   78   79   80   81   82   83