Page 84 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 84
bewoners van een wijk?" Het antwoord: "Vooral op plaatsen waar een verschil in cultuur
gebonden is aan een lagere welvaart kunnen spanningen tussen allochtonen en
autochtonen ontstaan"(Geogenie 1 &2, 1999, p. 85 en 87).
Sommige handboeken gaan zelfs zo ver om de oorzaken van conflictsituaties bij de
aanwezigheid van vreemdelingen zelf te zoeken: "In Brussel zijn er ernstige problemen
vanwege het grote absolute aantal vreemdelingen (. ..). De concentratie van Marokkanen
in Borgerhout veroorzaakt ook spanningen met de autochtone bevolking in Antwerpen"
(Algemene Aardrijkskunde 5, 1994, p. 119). Wereldvisie 2 (1998, p. 52) gaat dezelfde tour
op door een artikel uit Knack te citeren: "[Bij een schietpartij en daarop volgend protest
van jonge migranten] kwamen de onderliggende problemen van de buurt weer in beeld.
Meer dan 60% van de bewoners zijn migranten. Bij de vreemde bevolking domineren de
Marokkanen het straatbeeld. Men telt er liefst 38 nationaliteiten, waaronder ook tal van
Afrikaanse vluchtelingen".
Dat het ook anders kan, wordt nog op dezelfde pagina van dat handboek bewezen. In het
citaat zelf gaat het iets verder al over werkloosheid, verloedering en een falend
jeugdbeleid. Elders op de pagina worden de conflicten teruggebracht tot
huisvestingsproblemen en jobonzekerheid: "De slechte woonomstandigheden en de hoge
werkloosheid in deze buurten brengen spanningen met zich mee" (Wereldvisie 2, 1998,
p. 52). Of nog: "In gebieden waar veel migranten wonen kunnen conflicten voorkomen
tussen mensen van het gastland en migranten. (…) Het kernprobleem is dat de migranten
tot de arme bevolkingsgroep behoren" (Standaard Aardrijkskunde 3, 1995, p. 36). Zeggen
dat conflicten voortkomen uit werkloosheid, verloedering of armoede is al helemaal iets
anders dan zeggen dat ze het gevolg zijn van de botsingen tussen culturen of het
geconcentreerd voorkomen van vreemdelingen.
Wij denken dan ook niet dat de spanningen en de conflicten tussen allochtonen en
autochtonen doodgezwegen moeten worden, wel dat ze in een breder sociaal-econo-
misch kader moeten worden geplaatst. Bovendien lijkt het ons noodzakelijk om thema's
als xenofobie, racisme en discriminatie in handboeken aan te kaarten. In deze materie zijn
alle handboeken het namelijk roerend eens: conflicten kunnen toegeschreven worden
aan het geconcentreerd voorkomen van vreemdelingen, aan 'hun' andere cultuur, aan
'hun' werkloosheid of aan 'hun' armoede, maar niet aan 'onze' onverdraagzaamheid,
'onze' xenofobie of 'ons' racisme. Want, zo stelt Wereldvisie 1 (1998, p. 65), "hun andere
cultuur kan bij de Vlaamse jeugd op respect rekenen".
3.5.4.4 Geen aandacht voor discriminatie
In geen enkel handboek worden discriminatie of racisme in België aangehaald, laat staan
in verband gebracht met de arbeids- of huisvestingssituatie van migranten of met de
eerder beschreven samenlevingsproblemen. Bekijken we bijvoorbeeld enkele citaten in
verband met de woonproblematiek: "In de centrale wijken en langs de vroegere
industriële as gekenmerkt door verouderde woningen kwamen de gastarbeiders uit de
Maghreblanden en Turkije terecht" (Wereldvisie 2, 1998, p. 52); "Het comfort dat ze
bieden trekt de Belgische bevolking niet aan zodat deze woningen stelselmatig
ingenomen worden door vreemdelingen, in het bijzonder gastarbeiders" (Wereldvisie 5-
6 ASO, 2004, p. 27); "De leegstand en de aanwezigheid van oude woningen trekken
vreemdelingen en armeren aan" (Wereldvisie 5-6 ASO, 2004, p. 28; figuur 20).
Werkwoorden zoals terechtkomen, innemen en zeker aantrekken verbloemen de situatie.
Vreemdelingen kiezen in eerste instantie niet actief voor de wijken met de minste
woonkwaliteit. Zij worden vanuit hun achterstandspositie gedwongen om hun intrek te
nemen in de goedkoopste en dus de slechtste woningen. De enige tekst die de huisves-
tingsproblematiek vanuit dit standpunt belicht, vonden we in Algemene Aardrijkskunde 6
2 AAVD 84 © 2020 Arteveldehogeschool

