Page 87 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 87
te spreken van rassen, betekent immers nog niet dat de begrippen geen sociale
betekenis kunnen hebben.
2. Het vermijden van een polariserende voorstelling van de culturele verhoudingen.
Handboeken schetsen nu nog al te vaak een beeld van een biculturele
samenleving, waarin “wij” staan tegenover “zij”, waarin “onze” gebruiken niet te
vereenzelvigen zijn met die van 'hen', en waarin de 'wijken van de autochtonen'
liggen naast 'vreemdelingenbuurten' of 'gastarbeidersbuurten'. Zo'n tweedeling
camoufleert elke vorm van nuance. Zo is er geen aandacht voor de verschillen
binnen die grote groep 'anderen'. Turken en Marokkanen worden over dezelfde
kam geschoren en van Berbers of Arabieren is er al helemaal geen sprake. Verder
leeft er in het denkkader niemand tussen twee culturen in. Na al die jaren blijven
'gastarbeiders' 'gastarbeiders', en 'Belgen' 'Belgen'. Dat culturen onderhevig zijn
aan veranderingen, en dat er ook verschillen zijn binnen al die afgebakende
culturen blijft buiten beeld.
3. Het vermijden van een wij-perspectief:. Terwijl we het vijftig jaar geleden hadden
over "het blanke ras, waartoe wij behoren", wijzen we nu op 'cultuurelementen
die ons wat vreemd voorkomen, opschriften die we niet begrijpen, gebouwen
waarvan we de functie niet goed kennen" en "andere gebruiken dan de onze" .
Dergelijke teksten betrekken niet alle leerlingen bij de lesinhoud. Ze spreken al-
leen de autochtone leerlingen aan, niet de kinderen wiens ouders of grootouders
naar België migreerden. Om van alle leerlingen wereldburgers te maken zal het
nodig zijn om de evidentie van het wij-discours te verlaten.
4. Het bestrijden van elke vorm van discriminatie. Racisme en xenofobie zijn termen
die de handboeken wel gebruiken, maar enkel toepassen op samenlevingen in
andere landen. In de Belgische context wordt er nergens melding gemaakt van
vreemdelingenhaat of racisme. Aannemen dat België een multicultureel land is,
betekent niet alleen pleiten voor meer integratie-inspanningen van jonge
migranten, maar ook erkennen dat er wel degelijk gediscrimineerd wordt in onze
samenleving. In deze context is het problematisch dat de samenleving in de
meeste handboeken nog steeds als monocultureel wordt beschouwd, met slechts
her en der kleine lapjes multiculturaliteit, met name in bepaalde buurten van onze
steden. Op die manier worden immers niet alle leerlingen uitgedaagd om mede-
verantwoordelijk te zijn voor een verdraagzame samenleving waarin elke vorm
van discriminatie, eender waar, totaal onaanvaardbaar is.
5. Het verwerpen van de stelling dat het voorkomen van mensen met een andere
cultuur of het samenleven van mensen met een verschillende cultuur sowieso
leidt tot spanningen en conflicten. Deze conflicten moeten volgens ons niet
doodgezwegen worden, maar geplaatst in een breder kader van socio-
economische achterstelling en discriminatie. De leerling een vertoog aanbieden
waarin de 'andere' de zondebok is voor al het onheil in de wereld is veel
gemakkelijker dan duidelijk maken dat samenlevingsproblemen complex in elkaar
zitten.
2 AAVD 87 © 2020 Arteveldehogeschool

