Page 99 - Aardrijkskundevakdidactiek_2021
P. 99
de wereld, (iii) een basishouding van openheid en respect ontwikkelen tegenover natuur,
mens en maatschappij, en (iv) basisvaardigheden ontwikkelen om zelfstandig met
informatie te leren omgaan (Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, 1998).
Vanaf het schooljaar 2015-2016 werd WERO echter opgesplitst in twee leergebieden,
namelijk ‘mens en maatschappij’ en ‘wetenschap en techniek’. Deze opsplitsing vloeit
voort uit de hervorming van het secundair onderwijs, waarbij er bijzondere aandacht is
voor wetenschappen en techniek. Deze disciplines al in het basisonderwijs onderbrengen
in een apart leergebied, maakt mogelijk dat leerkrachten er zich gerichter op focussen om
leerlingen aldus betere kennis, vaardigheden en attitudes bij te brengen in functie van
een betere doorstroom naar het secundair onderwijs.
Bijzonder is dat deze ‘vernieuwing’ eigenlijk enkel op administratief vlak gebeurd is, en
niet op inhoudelijk vlak. De eindtermen en ontwikkelingsdoelen die thuishoren bij deze
twee ‘nieuwe’ leergebieden zijn immers nog steeds dezelfde als deze van het ‘oude’
leergebied wereldoriëntatie. Deze eindtermen en ontwikkelingsdoelen waren binnen
WERO ondergebracht in zeven domeinen (namelijk: mens, maatschappij, tijd, ruimte,
bronnengebruik, techniek en natuur); deze domeinen werden gewoonweg herverdeeld
onder de twee nieuwe leergebieden.
Vele scholen, van de verschillende onderwijsverstrekkers, kozen er dan ook voor om na
september 2015 WERO als vak te behouden in hun lessenrooster, met dezelfde inhouden
en ook met dezelfde aanpak (zie verder, bij §4.2.3). Er wordt sindsdien wel meer dan
voorheen aandacht gegeven aan het expliciteren van technische processen en
wetenschappelijke onderzoekstappen.
4.2.2 Aardrijkskunde en WERO
De aardrijkskundig georiënteerde eindtermen binnen WERO bevinden zich overwegend
in het domein natuur, in het leergebied ‘Wetenschappen en techniek’, en in de domeinen
ruimte en maatschappij, in het leergebied ‘Mens en maatschappij’.
In het domein ruimte gaat het vooral om oriëntatie- en kaartvaardigheden, wat
aardrijkskundige vaardigheden bij uitstek zijn, en ook om ruimtelijke ordening. Hierbij
komen de functionele landschappen en geografische streken aan bod, en de leerlingen
voeren ook landschapsonderzoek uit. Ook binnen mobiliteitseducatie zijn er doelen te
linken aan aardrijkskunde. Aardrijkskundige doelen bij het domein natuur hebben
betrekking op weer, klimaat en de aardrotatie, en ook milieueducatie komt aan bod,
waarin aardrijkskunde en natuurwetenschappen met elkaar verweven worden. Aspecten
van culturele en welvaartsgeografie, toeristische geografie en politieke geografie komen
aan bod bij het domein maatschappij.
De concrete eindtermen zijn te vinden op https://onderwijsdoelen.be/. Kies voor
Basisonderwijs > Lager onderwijs.
4.2.3 Didactiek
Bij het leergebied ‘wereldoriëntatie’ werd een geïntegreerde aanpak geadviseerd. Deze
aanpak sluit immers het beste aan bij de realiteitsbeleving van lagere schoolkinderen,
waarin er geen sprake is van een verdeling in aparte disciplines. Door leerkrachten in hun
2 AAVD 99 © 2020 Arteveldehogeschool

